Comments Off
Creating multiple Debian chroots
Bart needed several Debian chroots:
for arch in amd64 i386; do for suite in sarge etch sid; do sudo debootstrap –arch $arch $suite /srv/build/environments/$arch/$suite http://ftp.unnet.nl/debian/; done; done
(All on one line.)
“Ook wij zijn tegen ongevraagde e-mail”
Ik heb zo’n hekel aan spam. Het ergste is wanneer het Nederlandse spam is, die spam-services aanbiedt. Weet je wat me het meeste irriteert? Dit:
“Ook wij zijn tegen ongevraagde e-mail en willen dan ook een ieder tevreden houden.”
DAN MAIL ME NIET! Stelletje eikels. Lang leve de Nederlandse wetgeving, die spam naar particulier verbiedt, aangezien het mensen irriteert, maar zich niet bedenkt dat achter zakelijke adressen ook mensen zitten…
My kind of joke
“If quantum mechanics did not govern the universe, the Krypton-85 nucleus would be stable. But, of course, without quantum mechanics atoms wouldn’t be stable, so neither you nor I nor anything else made of atoms would exist, so despite all its complexity, fuzziness, uncertainty, and spooky action-at-a-distance, quantum mechanics is probably a Good Thing. However, I must note that quantum mechanics also permits Microsoft Windows to exist.”
Licenties en hun gevaren
(Dit artikeltje staat al een tijdje in de wacht, dus het artikel waar ik heen link zal inmiddels wel wat oud nieuws zijn. Mijn punt blijft echter gewoon geldig.)
Een gemeente heeft ruzie met een softwareleverancier, uiteraard gaat het over geld. De gemeente heeft een grote parkeergarage die ze optimaal gebruiken doordat een robot de auto’s parkeert. Op zich wel stoer natuurlijk. De garage is van de gemeente en ik neem aan alle hardware die erin staat ook. Alleen de software die de robot aanstuurt is niet van de gemeente. Dus toen de twee partijen ruzie kregen, stopte de robot gewoon met werken. Dus zit de gemeente opgezadeld met een dure parkeergarage waar tientallen auto’s in opgeslagen zijn, omdat de softwareleverancier geld wilt zien. Typisch geval van gijzeling, dus.
Een goeie reden om voor Open Source Software te kiezen. Als je ruzie krijgt met een leverancier, stap je gewoon naar de volgende leverancier. De meeste softwarehuizen durven daar niet aan, voor ons is het een bedrijfsmodel. Immers, de software, hoe belangrijk ook, is niet hetgene wat je verkoopt. Punt is namelijk dat geen enkel bedrijf op zoek is naar software, ze hebben het niet nodig. Software is een middel, geen doel. Wat deze gemeente wilde, was dat die robot zijn werk deed, door efficient die auto’s te parkeren. Andere bedrijven willen dat hun programma’s blijven lopen en dat de gegevens die ze op servers hebben staan goed veilig staan. Of ze zoeken een oplossing om intern makkelijk bestanden te delen, zodat ze beter kunnen samenwerken. Of hun agenda delen, wat soms zelfs belangrijker is dan het delen van die bestanden.
En voor al deze dingen wil je niet afhankelijk zijn van de nukken van een softwareleverancier. Je hebt geld neergelegd voor die software en je verwacht dat het goed blijft werken en er geen fouten in zitten. En als er fouten in zitten, verwacht je dat ze snel opgelost worden. Sommige bedrijven proberen al dat werk te betalen door licenties af te sluiten. Licenties waar de gebruiker alleen maar nadelen van heeft, geen enkel voordeel. Wat dat betreft ben ik het roerig met Bruce Schneier eens: Het wordt tijd dat softwarebedrijven verantwoording moeten gaan afleggen voor de software die ze maken. Niet zodat je een partij heb om aan te klagen als je 2 miljoen verliest doordat je server er twee dagen uit ligt, maar zodat ze gemotiveerd worden om betere software te schrijven.
Dat vind ik juist zo mooi aan Debian en Open Source in het algemeen: Ze willen iets goeds neerzetten. En als het me niet bevalt, kan ik het zelf aanpassen en verbeteren. En als de persoon die de boel onderhoudt me niet bevalt, loop ik naar een andere toe. Ons bedrijf vindt die mogelijkheid belangrijk. We willen mensen niet aan ons vastbinden, omdat wij de enigen zijn die die robot aan kunnen sturen, we willen mensen aan ons binden omdat wij ons werk goed doen en omdat ze ons waarderen. Daarom gebruiken wij Open Source Software en maken we altijd goeie documentatie van de systemen die ons toevertrouwd zijn. Doen wij ons werk niet goed? Stap over naar een ander! Dat houdt ons scherp en gemotiveerd om voor onze klanten de beste ervaring te creëren.
Hm, dit is wel een heel erg verkoopspraatje geworden, zeg. Maar het komt uit het hart.
Stress afbouwen door verzorging
Bart heeft me een tijdje geleden een boek uitgeleend dat de werking van de hersenen (voor zover de wetenschap dat op dit moment begrijpt) in “gewone-mensentaal” uitlegt. Het boek heet Op reis door je brein, geschreven door Steven Johnson. Dit is werkelijk een juweeltje.
Ik ben nog niet op de helft, maar ik kan een heleboel wat hij beschrijft heel erg goed herkennen bij mezelf. Sterker nog, ik leer tijdens het lezen van dit boek dingen over mezelf die ik misschien niet zo leuk vind, maar die me wel veel inzicht geven in mezelf. En die me in staat stellen om “ongewenst gedrag” van mezelf om te vormen naar “gewenst gedrag”. Een mooi voorbeeld is het stukje wat ik zojuist heb gelezen (pagina 120):
“Dat is nou het zorginstinct. Je kunt je al vechtend van de stress bevrijden door je vijanden te vernietigen, of je kunt stress verminderen door contact te zoeken met mensen die je dierbaar zijn. Bij hersenchemie kun je kiezen uit twee strategieën: je kunt je laten vollopen met adrenaline en vechten of vluchten, of je kunt je kalmeren met oxytocine en verzorgen en vrienden maken.”
En daardoor (en de pagina’s ervoor) kwam ik tot het inzicht dat mijn redelijk aggressieve gedrag van de afgelopen maanden, gedrag wat ik persoonlijk heel erg ontypisch voor mezelf vind, ineens begreep. Ik ben hard aan het werk en er zijn op dit moment een aantal zaken in gang die voor mij toch wel erg spannend zijn en waar ik enigszins gestressed door raak. Positieve stress, je weet wel, de stress die ervoor zorgt dat je wilt presteren en een offerte van 20 pagina’s maakt in twee dagen tijd die de dag erna tijdens de behandeling eigenlijk overkill blijkt te zijn (maar waarmee je wel een prima indruk hebt gemaakt). Alles wat ik tegenwoordig doe is gericht op één ding: Zo snel mogelijk kunnen samenwonen met Monique. En daarvoor moet ik een succesvol(ler) bedrijf neerzetten.
Cidev is een trage groeier. Daar hebben Bart en ik in het begin heel bewust voor gekozen. We willen niet de snelle jongens zijn die even een probleempje komen oplossen en daarna weer verdwijnen. Het overgrote deel van onze inzet richt zich op het verlenen van service en een prettige ervaring voor onze klanten in het algemeen. We willen niet veel klanten binnen halen, we willen klanten binnen halen en binnen houden. Wij zijn er 100% van overtuigd dat wanneer wij ons best doen voor onze klanten, onze klanten het steeds prettiger vinden om zaken met ons te doen. En dat is geen idealistische overtuiging, dat blijkt gewoon uit de praktijk. We zijn sinds onze oprichting nog niet één klant kwijtgeraakt (wat overigens niet wil zeggen dat we ieder bedrijf waar we een offerte voor gemaakt hebben als klant hebben gekregen). Ik denk dat we heel goed bezig zijn.
Maar daar zit ook wel een beetje tijdsdruk op en natuurlijk de stress of een offerte voor een interessante opdracht (waarbij ik met interessant bedoel, een opdracht die ons leuke dingen laat doen) geaccepteerd wordt of niet. En daardoor kreeg ik ineens veel meer adrenaline in mijn lichaam dan dat ik van mezelf gewend ben. En daardoor vertoonde ik gedrag wat ik nooit eerder op deze manier vertoond heb, ik werd assertiever en aggressiever en veel minder tolerant.
Ik heb mezelf altijd gezien als iemand die rustig en kalm blijft bij bijna alles. Iemand die tolerant is en vergevingsgezind. Deze aggressie was niets voor mij.
Om een lang verhaal niet nog langer te maken, tijdens een weekend zelfreflectie begon ik dit in te zien (voornamelijk dankzij enkele welgeplaatste opmerkingen van mijn vriendin) en besloot ik hier per direct wat aan te doen. Toen had ik dit boek nog niet gelezen, dus ik wist niet direct waar het aan lag, maar nu, als ik terugkijk, zie ik dat de stappen die ik toen genomen heb, de juiste waren en mijn hormonale balans weer in zijn normale toestand terecht is gekomen. Ik ben weer rustig, ik ben weer tolerant, ik ben weer vergevingsgezing en… ik ben weer verzorgend.
Verzorgend? Ja, verzorgend. Dat is dus nog iets wat ik uit dat boek geleerd heb. Blijkbaar ben ik al mijn hele leven iemand waarbij het oxytocine niveau relatief hoog is. Oxytocine zorgt ervoor dat je op zoek gaat naar kameraadschap en liefde (dit is samengevat, voor de volledige beschrijving moet je het boek maar eens lezen). Oxytocine zorgt er bijvoorbeeld voor dat moeders die borstvoeding geven aan hun kinderen veel verzorgender zijn dan moeders die dat niet doen. En dat de band tussen een kind en de moeder die borstvoeding gegeven heeft in dat vroege stadium vaak sterker is dan wanneer er geen borstvoeding gegeven is.
Nou vrees ik dat mijn fysiologie naar mijn mening enigszins onderontwikkeld is, waardoor borstvoeding geven out of the question is, maar het effect van het hormoon is bij mij wel heel duidelijk merkbaar. Vraag maar eens aan Bart hoe ik hem altijd zeg dat hij ook regelmatig rustiger aan moet doen. Of vraag maar aan Monique hoe ik soms de moederkloek uithang en hoe bezorgd ik kan zijn als ze eens een keer later thuis is dan ik had verwacht. Of mijn vrienden en vriendinnen van vroeger, hoe zij altijd met hun problemen bij mij terecht konden komen en ik alles aanhoorde en waar mogelijk iets probeerde te doen. Of aan Jasper, die altijd bij mij kon blijven logeren als hij weer eens een keer niet naar huis toe wilde. Of aan Aagje, mijn hondje, die wéét dat als ze zielig naar me kijkt als ze in de kennel zit, ik haar kom aaien en misschien zelfs wel even met het balletje kom spelen.
De macho in mij is natuurlijk niet zo blij dat een eigenschap die stereotypisch toch aan vrouwen toegeschreven wordt duidelijk zo’n belangrijk onderdeel van mijn karakter vormt. Vandaar dat ik er niet zo heel erg trots op ben. Maar de oxytocine-junk in mij vindt het allang goed. Het is een eigenschap die ik heel duidelijk van mijn vader geërfd heb. Dus die macho in mij moet zijn bek maar houden, anders sla ik hem dicht.







